GUINÉ-BISSAU   

    feiten, impressies en beelden       

6 juli 2018 

commentaar van Jan Vincent Kuyvenhoven

 

De Nederlandse arts Jan Vincent Kuyvenhoven schreef op mijn uitnodiging onderstaand commentaar bij de onderzoeksuitkomsten van de West African Health Organisation (WAHO) m.b.t. de incidentie van tuberculose in Guiné-Bissau (zie 26 juni op de pagina "Guiné-Bissau op Europese en Amerikaanse websites"). Hij werkte van 1982-84 als arts in het zuiden van Guiné-Bissau (Empada) en sinds 2008 als tbc-consulent in diverse landen in Afrika (inclusief Guiné-Bissau). Hij en zijn vrouw Anke startten in 2014 Stichting Sanjuna om diverse activiteiten in Empada te ondersteunen, waarvoor hij iedere 4-6 maanden Guiné-Bissau bezoekt. http://www.sanjuna.nl 

"Tuberculose is in Guiné-Bissau één van de belangrijke infectieziekten, zowel wat betreft ziektelast en als doodsoorzaak. De ziekte behoort met malaria, HIV/AIDS, longontsteking en diarree tot de top 5 van de infectieuze ziekten in Guiné-Bissau qua ziektelast en sterfte.

Tuberculose is veelal een ziekte van de longen en wordt door hoesten overgebracht van de ene mens op de andere. Het kan op allerlei andere plaatsen in het lichaam voorkomen, ook zonder gelijktijdige manifestatie in de longen: botten (wervelkolom, gewrichten), nieren, hersenen enzovoort.

Reeds in de tijd van Portugese overheersing was er een specifiek bestrijdingsprogramma voor tuberculose met, volgens Portugees gebruik, diagnostiek- en behandelcentra gescheiden van de rest van de gezondheidszorg. Dat wijst er op dat ook in die tijd al een fors tbc-probleem bestond. Sinds de onafhankelijkheid is het probleem niet minder geworden, zoals ook geldt voor veel andere gezondheidsproblemen.

De laatste jaren wordt in Guiné-Bissau jaarlijks bij 2.000-2.300 mensen tuberculose vastgesteld, die in principe met een behandeling van 6 maanden medicijnen weer kunnen zijn genezen, mits de behandeling volgens voorschrift wordt gevolgd en afgemaakt. Concreet werd in 2016 bij 126 per 100.000 inwoners tuberculose vastgesteld (Nederland: 6/100.000). Bij 1-2% van de patiënten blijkt het een zgn. multiresistente vorm van tuberculose te betreffen, waarvoor een intensiever, langduriger en kostbaarder behandeling is vereist. Dit wordt in de laatste jaren beter herkend, omdat er betere diagnostische faciliteiten zijn ontwikkeld, bijvoorbeeld de zgn. ‘GeneXpert laboratoriumtest’ die binnen een dag uitslag geeft op de vraag of het een multiresistente stam betreft. De laatste decennia nam tuberculose in Afrika ten zuiden van de Sahara sterk toe vanwege de HIV-epidemie: personen met een door HIV verzwakt immuunsysteem ontwikkelen vaker en sneller tuberculose. In Guiné-Bissau is 3 % van de volwassenen met HIV1 besmet, wat ook zorgt voor extra tbc-gevallen.

In het gehele land komt tuberculose voor. In de statistieken ligt het zwaartepunt in Bissau en Biombo. Dit komt omdat veel patiënten met een vermoeden van tuberculose uit zichzelf naar het nationale tbc-ziekenhuis (Hospital Raoul Follereau) in Bissau gaan (hoewel in de regio’s diagnostiek en behandeling in principe ook beschikbaar zijn), dan wel naar het ziekenhuis in Cumura (Biombo) – van oudsher een lepra- en tbc-ziekenhuis.  

Het werkelijke aantal jaarlijkse tbc-gevallen (‘incidentie’) wordt door de Wereldgezondheidsorganisatie (WHO) voor Guiné-Bissau hoger geschat dan voor de buurlanden. De modellen die de WHO voor deze schatting gebruikt zijn lastig te doorgronden en zijn nogal eens onderwerp van discussie en kritiek. Aangenomen kan worden dat in Guiné-Bissau maar een deel van het werkelijke aantal tbc-gevallen wordt herkend en behandeld. Maar of dat 40 of 80% is, is moeilijk hard te maken. Waarschijnlijk ligt de waarheid voor Guiné-Bissau ergens in het midden. In de buurlanden is niet zozeer het aantal jaarlijks vastgestelde tbc-gevallen lager (Senegal, Guiné-Conakry, Gambia kennen allen tussen de 90-120 geregistreerde tbc-patiënten per 100.000 inwoners per jaar - Guiné-Bissau 126/100.000), maar de schatting door de WHO van het totaal aantal tbc-gevallen (wel-  en niet ontdekt) is veel lager: Guiné-Bissau 374/100.000 en in de buurlanden tussen de 140-180/100.000 inwoners. Waarom de WHO de incidentie in Guiné-Bissau zoveel hoger inschat, heeft mogelijk te maken met de (ook relatieve) zwakte van het systeem van gezondheidszorg. En de lage geschatte tbc-incidentie in Togo met het relatief goede tbc-bestrijdingsprogramma." 

****************************************************************************************