______________________________________________

29 december 2011

De regering geeft een verklaring uit waarin wordt gesteld dat wapenroof uit het depot van het hoofdkwartier van de Strijdkrachten door "elementen" van de marine, aanleiding is geweest tot de gebeurtenissen van "het geval 26 december". Verondersteld werd dat die roof de inleiding vormde tot een poging tot staatsgreeep , geleid door Bubo Na Chuto. De regering, en later ook de Opperbevelhebber van de Strijdkrachten Antonio Indjai, verklaart dat de situatie geheel onder controle is. Bubo Na Chuto blijft in detentie in de militaire gevangenis van Mansoa. Ook andere militairen blijven in hechtenis.

Op het televisiejournaal verklaart Bubo na Chuto vanuit de gevangenis dat hij nergens van af weet en dat hij net zo verrast was als iedereen.

Er worden beelden getoond in de krant en op de televisie van wapens die gevonden zijn in verschillende buurten van Bissau. Ook burgers lijken bij de roof betrokken te zijn.

 
__________________________________________
26 december


Poging tot staatsgreep verijdeld

Vanmorgen, op tweede kerstdag, is een staatsgreep verijdeld. Op dit moment , 's avonds 26 december om 22.30 uur, lijkt het erop dat de mogelijke aanstichter Bubo Na Chuto gevangen genomen is, dat er drie doden en tientallen gewonden gevallen zijn en dat de toestand stabiel is.  De minister-president is in veiligheid gebracht (de president verblijft al wekenlang in een ziekenhuis in Parijs).

               



Bubo Na Chuto werd eerder verdacht van een poging tot staatsgreep (augustus 2008). Hij verdwijnt daarna naar Gambia, van waaruit hij bijna precies twee jaar geleden (28 december 2009) over water klandestien naaar Guiné-Bissau terugkeert. Hij zoekt dan zijn toevlucht in het gebouw van de VN in Bissau. Hij is dan inmiddels ook beschuldigd van betrokkenheid bij drugshandel. Op 1 april 2010 verlaat hij vrijwillig het gebouw van de VN. Kort daarna wordt er een poging tot staatsgreep gepleegd, waarbij de minister-president Carlos Gomes Junior en de opperbevelhebber van de strijdkrachten Zamora Induta gevangen worden genomen. De president spreekt later over een "interne militaire kwestie. Wie dat wilde geloven , wordt weer aan het twijfelen gebracht als op 8 april 2010 de regering van Obama bekend maakt dat de Amerikaanse bezittingen van Bubo Na Tchuto en van zijn ex-collega, de opperbevelhebber van de luchtmacht Ibraima Papa Camará, bevroren worden omdat beiden in verband worden gebracht met meerdere gevallen van drugshandel. Het wordt Noord-Amerikanen verboden om met deze heren handel te drijven. Groot is met name de internationale veronwaardiging als de president op 25 juni besluit om coupleider António Indjai te benoemen tot opperbevelhebber van de strijdkrachten. Met name de EU, de VN, de CEDEAO (Economische Gemeenschap van West-Afrikaanse Staten) en de CPLP (Gemeenschap van Portugeestalige Landen)  geven van hun kritiek en zorg blijk. Kort daarna wordt Bubo Na Chuto hersteld in zijn oude functie van opperbevelhebber van de marine. Op zijn zachtst gezegd hebben de Opperbevelhebber van de Strijdkrachten António Indjai en de marinebaas Bubo na Chuto eeen gecompliceerde relatie. Soms lijken ze samen op te trekken, zoals bij de poging tot staatsgreep op 1 april 2010, soms zijn ze elkaars concurrent en tegenstander, zoals o.a. nu het geval lijkt te zijn.

_______________________________________________
1 december 2011

De minister-president, Carlos Gomes Júnior, is naar Parijs vertrokken om zich daar op de hoogte te stellen van de gezondheidstoestand van de president, die daar een week geleden werd opgenomen in het ziekenhuis Val de Grâce. Het is niet eerder gebeurd dat de minister-president in verband met de gezondheid van de president naar Parijs afgereisd is, terwijl de laatste daar meeermalen is opgenomen geweest. De minister-president zei voordat hij vertrok dat de president in Parijs was voor een routine-onderzoek, maar dat wordt door vrijwel niemand meer geloofd. Integendeel, men is i.h.a. van mening dat het de president nu slechter gaat dan ooit tevoren en vreest politieke en militaire narigheid,  zowel bij het meest ernstige scenario wat betreft de gezondheid van de president als in geval van langer durende onzekerheid over zijn toestand. (zie ook o.a. 24 november en 6 september op deze pagina)

_______________________________________________
27 november 2011

Joseph Mutaboba, de speciale vertegenwoordiger voor Guiné-Bissau van de secretaris-generaal van de Verenigde Naties, neemt in Dakar deel aan de 22e vergadering van de UNOWA (Organização das Nações Unidas na África Ocidental). Daar wordt o.a. besloten dat Guiné-Bissau een grotere financiële en technische steun zal krijgen bij de verwezenlijking van de plannen 2011-2014 om de drugshandel en de georganiseerde misdaad te bestrijden.

 

________________________________________________
24 november 2011

De president, Malam Bacai Sanhá, is i.v.m. gezondheidsproblemen met spoed naar het belangrijkste ziekenhuis in Dakar/Senegal gevlogen, van waaruit hij volgens sommige bronnen weer verder vervoerd zal worden naar het militair hospitaal in Parijs, waar hij al eerder verbleef voor controle of behandeling. Hij was pas weer een maand of twee terug uit het ziekenhuis (zie o.a. bij 6 september op deze pagina).

________________________________________________
3 november 2011

Het schooljaar is nauwelijks begonnen of de leraren van het basisonderwijs en het voortgezet onderwijs zijn weer een staking begonnen, ditmaal van 6 weken. Zoals al eerder vertoond, zijn de stakingsweken zodanig gekozen dat ze geruisloos overlopen in een vakantieperiode, ditmaal de kerstvakantie. Het stakingscomité van de grootste onderwijsvakbond SINAPROF schat de stakingsdeelname op 95%. De staking is uitgeroepen vanwege de achterstallige lerarensalarissen en de al langer geëiste politiek op het gebied van de lerarenloopbaan.

________________________________________________
  
24 oktober 2011             

De film "Clara de Sabura" (zie 17 mei dit jaar) is voltooid en als DVD aangeboden aan de president. De positieve film van de Guiné-Bissause regisseur José Lopes, zal wat de regering betreft een rol gaan spelen bij het verbeteren van het imago van Guiné-Bissau en bij de vorming van jongeren in en buiten het onderwijs.

_______________________________________________
24 september 2011
 

                                               foto: rené gussenhoven
   feestelijke stemming 's morgens om 10.00 uur in Bissau op het centrale Plein van de Helden

 
Vandaag viert Guiné-Bissau haar onafhankelijkheid. Het is 38 jaar geleden dat de regeringspartij PAIGC (die deze maand haar 55-jarig jubileum viert), bij monde van de toen 34-jarige guerrillacommandant João Bernardo Vieira (de latere president "Nino" Vieira die op 2 maart 2009 vermoord werd), op 24 september 1973 in Madina de Boé eenzijdig de onafhankelijkheid van de Republiek Guiné-Bissau uitriep, een onafhankelijkheid die onmiddellijk door tientallen landen erkend werd. Het zou tot 26 augustus 1974 duren totdat Portugal - vier maanden na de zogenaamde Anjerrevolutie in Portugal - de onafhankelijkheid van Guiné-Bissau erkent. Zie voor meer achtergrond van de onafhankelijkheidsstrijd van Guiné-Bissau de pagina "feiten 1956-2004" op deze site.

________________________________________________
6 september 2011

Naar blijkt is de president, Malam Bacai Sanhá, op 31 augustus om gezondheidsredenen onverwacht naar Dakar (Senegal) gevlogen. Hij voelde zich die dag niet goed en kon niet deelnemen aan het gebed voor Aid-el-Fitr, het feest ter gelegenheid van de afsluiting van de ramadan. Er is momenteel onzekerheid over de gezondheidstoestand van de president, zelfs is onbekend of hij mogelijk is doorgevlogen naar een militair ziekenhuis in Parijs. De president is sinds zijn aantreden in juli 2009 meerdere malen i.v.m. onderzoek of behandeling in het buitenland geweest, het laatst in juli dit jaar. Naar verluidt kwam hij toen eerder terug op aandringen van de "democratische oppositie" (zie bericht van 9 augustus op deze pagina). In december 2009, toen hij voor behandeling in Parijs was, schijnt hij zelf gezegd te hebben: "Er is sprake van een tekort aan hemoglobine in mijn bloed, inderdaad lijd ik aan diabetes, maar het is niet zo ernstig als men wel wil doen geloven."
________________________________________________
5 september 2011

Naar aanleiding van de weigering van de president om op instigatie van de oppositie de minister-president te ontslaan vanwege diens veronderstelde betrokkenheid bij de moordaanslagen van 2009, houdt de uitvoerend voorzitter van de grootste oppositiepartij PRS (de partij van Kumba Yalá), de heer Ibraima Sori Djaló, een vurig betoog voor Rádio Bombolom tegen de minister-president Carlos Gomes Júnior ("een crimineel") en diens partij PAIGC ("een schandvlek"), waarin hij de president, Malam Bacai Sanhá, verwijt dat "hij Bissau wil zien branden, maar ik heb hem al gezegd dat we dan met zijn eigen huis zullen beginnen." Zie voor de achtergrond van deze opstelling o.a. de berichten van 14 juli, 2 augustus en 9 augustus van dit jaar.

Tijdens zijn betoog refereerde Djaló aan de situatie in Libië en zei hij dat dezelfde situatie van verzet in Guiné-Bissau zou kunnen optreden: "De Libische leider is al gevallen en de Nationale Overgangsraad is al aan de macht."

_______________________________________________
2 september 2011

Minister-president Carlos Gomes Júnior is terug uit Dakar waar hij was voor een “diplomatiek offensief” met de ambassadeurs die een diplomatieke relatie hebben met Guiné-Bissau, maar kantoor houden in Dakar. Tot dat offensief is onlangs besloten door de president Malam Bacai Sanhá nadat de Europese Unie had gedreigd met economische en politieke sancties n.a.v. de voortdurende politieke onrust. Carlos Gomes heeft uitgelegd dat het land juist nu steun nodig heeft, omdat er volgens de regering goede voortgang is gemaakt na de militaire interventie van 1 april 2010. Juist de onlangs ingezette hervorming van Defensie en veiligheid zou ondersteuning verdienen en hetzelfde zou gelden voor de bestrijding van de drugshandel. Het onlangs uitgevaardigde Europese besluit om o.a. marinebaas Bubo na Tchuto een visum voor Schengen-landen te weigeren is volgens de minister-president schadelijk voor het imago van het land en dat soort informatie zou volgens hem bijdragen tot de destabilisering van het land. Hij was overigens vol lof over het kwijtschelden van de schuld van Guiné-Bissau aan donoren van 1,2 miljard dollars.
_________________________________________________________
30 augustus 2011

                 
In toenemende mate worden in de verschillende weekkranten de steeds hoger oplopende spanningen in de kazernes besproken. Het zou gaan om militairen die tijdens de recentelijk gehouden protestmarsen tegen de regering op hun eigen wijze steun of juist geen steun daaraan zouden hebben willen verlenen. Naar verluidt waren er door een hogere militair - zonder toestemming van diens meerdere - al wapens uit het depot gehaald. De opperbevelhebber van de strijdkrachten António Indjai schijnt de militair in kwestie tot de orde geroepen te hebben en toen zou deze geantwoord hebben dat als António Indjai van zijn steun aan de regering blijk mag geven, andere militairen dan ook het tegenovergstelde mogen doen. Verder zijn er geruchten, mede in de wereld gebracht door leden van de Angolese missie die in het land is in verband met de hervorming van de strijdkrachten, dat een verklaard tegenstander van António Indjai, de chef Marine Bubo Na Tchuto, weigert met pensioen te gaan. Men vreest dat deze man, die al eerder voor grote onrust heeft gezorgd, nu in de huidige manifeste oppositie tegen de regering weer een kans ziet om een hogere positie te verwerven. Er zij hier herinnerd aan het standpunt van de EU (zie 25 maart en 30 maart 2011 en ook aantekeningen in 2010) dat zowel António Indjai als Bubo Na Tchuto uit de legertop  verwijderd zouden moeten worden.


_______________________________________________
23 augustus 2011

De opperbevelhebber van de strijdkrachten António Indjai liet de vorige week, toen de landelijke vertegenwoordiger van de Verenigde Naties de geheel opgeknapte militaire voorzieningen van Quebo en Gabu openstelde,  aan de pers weten zeer tevreden te zijn met de aanpassingen. Hij onderstreepte dat militairen ondergeschikt zijn aan de politici die door het volk zijn gekozen en sloot zijn rede af met de oproep: "Wel, wie kan ons zeggen waar in Guiné-Bissau vrede en stabiliteit te vinden zijn. Bij de politici ? Natuurlijk niet. In de kazernes wel. Dus moeten wij een eind maken aan de instabiliteit." 

_______________________________________________ 
9 augustus 2011

De president, Malam Bacai Sanhá, terug in het land na een medische controle en vakantie, verklaart dat er geen aanleiding bestaat om de minister-president te ontslaan. Hij zegt dat hij tot die conclusie gekomen is na overleg met de politieke partijen, de PAIGC en de internationale gemeenschap. De zogenaamde "democratische oppositie" (zie o.a. 14 juli en 2 augustus) blijft echter om aftreden van de minister-president vragen en gaat ook door om in dat verband vreedzame protestoptochten te organiseren. 
__________________________________________
2 augustus 2011

Minister-president Carlos Gomes Júnior blijft onder vuur liggen van de zogenaamde "democratische oppositie" die er bij publieke debatten en bij de president op aandringt om Carlos Gomes Junior te ontslaan vanwege vermeende betrokkenheid bij de politieke moorden van 2009. Er tekent zich daarnaast een groep af, die het verstandiger vindt dat de minister-president gewoon aanblijft tot de verkiezingen van 2012 omdat dan de stem van het volk op dat moment de doorslag zal geven. Een bijkomend, maar niet onbelangrijke factor is het feit dat Carlos Gomes Júnior ook de leider is van de grootste politieke partij PAIGC. Als hij ontslagen wordt of straks in 2012 niet meer gekozen wordt, wie kan en zal hem dan opvolgen, niet alleen als minister-president maar ook als partijleider ?

__________________________________________
14 juli 2011

Leiders en leden van 8 oppositiepartijen, zich voor de gelegenheid "Democratische Oppositie" noemend, gaan de straat op in protest tegen de actuele situatie waarin het land verkeert (politiek, sociaal en economisch). Ze eisen o.a. dat de president de minister-president Carlos Gomes Júnior ontslaat, vooral omdat de naam van de laatste steeds vaker genoemd wordt i.v.m. de politieke moorden van 2009.

Tijdens een door zijn partij, de PAIGC, georganiseerde aanhankelijkheidsbetuiging op de dag voor de protestmars, geeft de minister-president te kennen nooit motieven voor moord gehad te hebben en zegt hij eventuele vervroegde verkiezingen niet te vrezen. Hij maakt van de gelegenheid gebruik om zijn loyaliteit aan Khadafi uit te spreken. Hij zegt dat hij welkom zal zijn in Guiné-Bissau in geval hij in dit land politiek asiel zou aanvragen.
_______________________________________________
7 juni 2011

 

Vandaag heeft het parlement de omstreden wet op het verbod van besnijdenis van meisjes en vrouwen goedgekeurd, met 64 stemmen voor, 1 stem tegen en 13 onthoudingen. De minister van Justitie, Mamadu Saliu Jaló Pires, verklaarde bij de verdediging van het wetsvoorstel in het parlement dat diepgravend onderzoek bij  leiders van de islamitische gemeenschap en koranleraren tot de conclusie heeft geleid dat nergens in de koran een dergelijke praktijk is aan te wijzen. Hij zei ook dat hij zich bewust is van de gevoeligheid van deze wet, maar dat hij niettemin hoopt dat ze niet tot tegenstellingen in de gemeenschap zal leiden.
_______________________________________________
18 mei 2011
 
Er wordt weer een staking toegevoegd aan de lange reeks van lerarenstakingen. Volgens de Nationale Vakbond van Leraren (SINAPROF) heeft de regering zich aan geen enkele van de in december 2010 gemaakte afspraken gehouden. Deze werden gemaakt na een staking van twee weken en hadden betrekking op et toepassen van een politiek m.b.t. de loopbaan van leraren, het inzetten van meer leraren en het betalen van achterstallige salarissen. Een andere belangrijke onderwijsbond, SINDPROF, neemt een gematigd standpunt in en neemt afstand van de staking die nu door SINAPROF is afgekondigd. Zij vindt dat de regering 70% van de gemaakte afspraken is nagekomen en heeft er vertrouwen in dat de achterstallige salarissen spoedig betaald zullen worden.

          foto: rené gussenhoven, ochtendritueel school cassacá

_______________________________________________
17 mei 2011

               
In de straten van Bissau worden momenteel filmopnames gemaakt door de Guiné-Bissause filmregisseur José Lopes. Hij is bezig aan zijn film Clara di Sabura (of Clara das Festas), gebaseerd op het gelijknamige gedicht van de journalist Mussá Baldé . De film richt zich tot de jeugd van Guiné-Bissau, die opgeroepen wordt te leren en te studeren nu ze nog jong is. De film geeft bovendien een nieuw beeld van de stad Bissau, omdat de regisseur nadrukkelijk opnames maakt op bankkantoren, hotels, bedrijven en op scholen en de universiteit.

_______________________________________________
13 mei 2011

De vervroegde parlementsverkiezingen in Portugal van 5 juni a.s. (na de val van de regering Sócrates een paar maanden geleden) worden door de Guiné-Bissauers met extra belangstelling gevolgd nu een   “zwager van het land” kans maakt om de nieuwe minister-president te worden. Het betreft Pedro Passos Coelho, partijleider van de PSD (Partido Social Democrata), die getrouwd is met een in Bissau geboren vrouw, met wie hij een dochter heeft. Daar komt nog eens bij dat hij een deel van zijn jeugd in “broederland” Angola heeft doorgebracht en dat hij een adoptief zus heeft uit dat land.


_______________________________________________
1 mei 2011

              

                                                      foto Ansu Sadjo

Gisteravond vierde de kleine Nederlandse gemeenschap van Guiné-Bissau -  19 ingezetenen - traditiegetrouw Koninginnedag in de tuin van het Nederlandse consulaat. Er waren ook enkele niet-Nederlandse gasten aanwezig, onder wie ex-president Henrique Pereira Rosa (interim-president van september 2003 tot oktober 2005) en zijn vrouw, ex-primeira dama Maria Rosa Robalo Rosa, op de foto beiden in gesprek met v.l.n.r. verpleger Johannes, schrijver dezes en consul Jan. Voor meer fotografische indrukken van deze avond zij verwezen naar de homepage.
_______________________________________________
11 april 2011
                 
De regering van Guiné-Bissau geeft een communiqué uit, waarin zij zegt “bezorgd en bedroefd” te zijn over de inhoud van het Verslag van de Rechten van de Mens 2010 m.b.t. de toedracht van de moord op president Nino Vieira. Zij vreest dat de gedebiteerde feiten spanning zullen oproepen en voorwaarden zullen scheppen voor een afglijden van Guiné-Bissau naar instabiliteit. Zij acht de conclusies van het verslag voorbarig, temeer daar er geen bewijzen voor worden aangevoerd. Aan het eind van het communiqué benadrukt de regering haar solidariteit met de militaire leiders van het land. Volgens de regering dragen zij bij tot een klimaat van stabiliteit “zoals onlangs nog bevestigd door de vertegenwoordiger van de EU in Dakar, Senegal.”.


_______________________________________________
8 april 2011  

In Guiné-Bissau wordt bekend dat in het onlangs door de V.S. en onder verantwoordelijkheid van de minister van Buitenlandse Zaken Hillary Clinton opgestelde Verslag van de Rechten van de Mens 2010 “soldaten onder het bevel van kolonel António Indjai” voor de moord op president Nino Vieira op 2 maart 2009 verantwoordelijk worden gesteld. António Indjai (op de foto links) is sinds april 2010 opperbevelhebber van de strijdkrachten nadat hij via een poging tot staatsgreep, waarbij hij enkele uren minister-president Carlos Gomes Júnior gevangen hield, de toenmalige opperbevelhebber Zamora Induta (op de foto rechts) uit zijn functie onthief en gevangen zette. Internationaal is de benoeming tot opperbevelhebber van António Indjai door de president en de regering kort na zijn illegitiem optreden sterk veroordeeld, met name ook door de E.U. (zie berichten van 25 maart en 30 maart). Het zelfde verslag van de Rechten van de Mens 2010, dat o.a. spreekt van foltering van de president en van het uiteindelijk doden met kapmessen, duidt de moord op president Nino Vieira als een vergelding voor de moord op opperbevelhebber Tagm Na Waie een dag eerder (1 maart 2009). Deze kwam om bij een bomaanslag op de kazerne waar hij verbleef.

_______________________________________________
4 april 2011

Bij thuiskomst vanuit Brussel, waar hij vergaderde met de Europese Unie n.a.v. aangekondigde sancties van de EU ten opzichte van Guiné-Bissau (zie 30 maart j.l.) geeft minister-president Carlos Gomes Júnior bij een persconferentie te kennen dat de EU geen namen genoemd heeft toen wijzigingen in de militaire top werden besproken, maar dat het meer ging om "het land in het geheel, ons allemaal". En de geruchten als zouden er militairen zijn die bezwaren hebben tegen de aanwezigheid van een Angolese technisch-militaire missie (zie 25 maart), doet hij af als misinformatie afkomstig van "buitenaardse wezens" die het land willen destabiliseren en hij beloofde voor hen  "een interplanetair paspoort te regelen, om deze soort op de eerstvolgende reis met een maanraket mee te sturen".


_______________________________________________
30 maart 2011

Het overleg in Brussel van de EU met minister-president Carlos Gomes Júnior  heeft er enerzijds toe geleid dat de sanctiemaatregelen tegen Guiné-Bissau tijdelijk worden opgeschort, maar anderzijds aanleiding gegeven tot een herbevestiging van het standpunt van de EU, dat de regering de samenstelling van de militaire top moet herzien en met name de militairen die vorig jaar 1 april waren betrokken bij een poging tot staatsgreep en die meteen daarna een hoge positie verwierven, uit de top moet verwijderen. Het gaat daarbij m.n. om  António Indjai, opperbevelhebber van de Strijdkrachten, Bubo Na Tchuto, opperbevelhebber van de Marine, en Papa Camará, opperbevelhebber van de Luchtmacht. Volgens de landelijke pers is Carlos Gomes Júnior daamee feitelijk met een onmogelijke opdracht naar Guiné-Bissau teruggekeerd.

De EU zal blijven samenwerken met Guiné-Bissau op het gebied van Veiligheid en Defensie van het land.
_______________________________________________
25 maart 2011

Minister-president Carlos Gomes Júnior vertrekt vandaag naar Brussel om daar met de EU te spreken over de sancties die de EU Guiné-Bissau wil opleggen naar aanleiding van de schending van de mensenrechten door militairen. Carlos Gomes Júnior wil duidelijk maken dat het niet mogelijk was om eerder tegen de militairen op te treden. Er wordt aangenomen dat hij wat dat betreft in Brussel goede sier wil maken met de onlangs in Bissau aangetreden Angolese technisch-militaire missie (bestaande uit 200 man), die een rol moet gaan spelen in het proces van de hervorming van de sector Defensie en Veiligheid. 

                                             foto uit www.gaznot.com

Brussel staat op het standpunt dat de Guiné-Bissause autoriteiten bepaalde hooggeplaatste militairen uit hun functie zouden moeten ontslaan (o.a. opperbevelhebber António Injai en admiraal Bubo Na Tchuto). 
_______________________________________________
8 maart 2011


                                            foto: René Gussenhoven

De regio Biombo heeft dit jaar het carnavalsfeest gewonnen. Het thema van carnaval was “Nationale Verzoening, Vrede, Hervorming en Ontwikkeling”. Naar oordeel van de jury heeft de regio Biombo het duidelijkst en meest uitgebreid aan dat thema vorm gegeven. De groep uit Biombo die aan het carnavalsdefilé deelnam – zie ook foto’s elders op deze site - ontvangt een prijs van 2.000.000 CFA (ongeveer 3.000 euro).
_______________________________________________
4 maart 2011
 
De speciale vertegenwoordiger van de secretaris-generaal van de VN in Guiné-Bissau, Joseph Mutaboba, verklaart bij terugkomst uit New York, waar het rapport van de secretaris-generaal over Guiné-Bissau werd gepresenteerd, dat de internationale gemeenschap bereid is om haar steun aan Guiné-Bissau voort te zetten met betrekking tot het consolideren van de vrede middels hervormingsprogramma’s voor de sector Defensie en Veiligheid. Hij maakte tevens bekend dat de VN via haar PBF (Peacebuilding Fund) Guiné-Bissau 16,8 miljoen dollar ter beschikking zal stellen , ongeveer het driedubbele van het in 2008 toegekende bedrag van 6 miljoen dollar.

_______________________________________________
3 maart 2011

Gisteren en eergisteren was het twee jaar geleden dat president João Bernardo Vieira (Nino, rechts op de foto) en de opperbevelhebber van de Strijdkrachten Tagme Na Waie (links op de foto) vermoord werden. Familieleden en vrienden van beide mannen laken de voortdurende vertraging in onderzoek naar de toedracht en in de vervolging van mogelijke daders. De president, Malam Bacai Sanha, wordt verweten zijn belofte bij de aanvaarding van zijn ambt in juli 2009, namelijk dat hij alles zou doen om licht te werpen op deze en andere moorden en om een einde te maken aan de staat van straffeloosheid waaraan het land gewend is, niet te zijn nagekomen.


Minister-president Carlos Gomes Junior beloofde vandaag dat de regering middelen ter beschikking zal stellen om het onderzoeksproces te versnellen. Tegelijkertijd waarschuwde hij voor intimidaties aan het adres van de regering of justitie in de vorm van protestmarsen. “Laat Justitie haar werk doen”, zo luidde zijn boodschap.

_______________________________________________
28 februari 2011

Volgens het laatste rapport van secretaris-generaal van de Verenigde Naties Ban Ki Moon zou Guiné-Bissau de laatste maanden “zichtbare vooruitgang” geboekt hebben, die het mogelijk maakt de negatieve effecten van “de gebeurtenissen van 1 april 2010” te boven te komen. Het rapport roept de verantwoordelijke politici en militairen op om samen te werken ten gunste van het nationale belang van socio-economische ontwikkeling en stabiliteit. In het rapport roept Ban Ki Moon ook op tot afronding van de onderzoeken van de politieke moorden van 2009 en tot het vervolgen van de voor die moorden verantwoordelijken. 

_________________________________________________________

 

                                     Guiné-Bissau

                                                                  feiten,  ervaringen en beelden